
Een egel in de tuin is een mooie aanwinst. Veel mensen willen zo'n stekelig bezoekje graag een handje helpen en zetten wat eten neer. Toch gaat het daarbij vaak mis. Egels zijn insecteneters, en wat wij als onschuldige traktatie zien, kan voor hen juist gevaarlijk zijn. Zo veroorzaken grote hoeveelheden meelwormen en pinda's een calciumtekort dat MBD heet: metabolic bone disease. De botten van het dier verzwakken, het zakt door zijn pootjes en sterft. De Egelbescherming raadt dit daarom sterk af. Aangepast op 19-10-2026 i.v.m. foutieve informatie.
Waarom egels niet alles mogen eten
In het wild eten egels vooral ongewervelde dieren: wormen, kevers, slakken en rupsen. Hun spijsvertering is daarop gebouwd. Zo kunnen egels lactose niet verteren, dus koeienmelk en zuivel horen nooit in het menu. Ook vis laten ze liever staan. En zoetigheid zoals rozijnen, koekjes en cake is ronduit gevaarlijk. De suikers en rozijnen kunnen problemen geven die je niet meteen ziet, maar die wel ernstig aflopen.
Wil je toch bijvoeren, kies dan voor producten die dicht bij hun natuurlijke dieet liggen. Denk aan:
- Honden- of kattenvoer op vleesbasis, zonder vis
- Gekookte kip in kleine stukjes
- Rauw gehakt, met mate
- Gekookte aardappel zonder zout
Geef dit als aanvulling, niet als hoofdmaaltijd. Vindt een egel in je tuin genoeg voedsel, dan hoef je helemaal niets neer te zetten. Een ondiep schaaltje schoon water naast het egelhuisje is dan voldoende, vooral in de zomermaanden.
Zo maak je een veilige voerplek
Katten en honden eten graag mee van wat je neerzet. Zet het voer daarom binnen in een egelhuisje met een tunnel, zodat roofdieren er niet bij kunnen. Een model waarvan de bovenkant open kan, is handig: je plaatst eenvoudig een voederbakje en verschoont het huisje zonder gedoe. Zo blijft het voer droog en veilig.
Beschutting en overwinteren
Egels zijn nachtdieren en een zeldzaam gezicht geworden. Kom je er een overdag tegen, dan is het dier meestal in nood of onwel. Let daar dus op. Een tuin met beschutting is voor egels belangrijk om te foerageren, te fokken en te overwinteren. Een egelhuisje op een beschutte plek, bij een heg of onder struiken, helpt daarbij. Vul het huisje met droge bladeren en gras, gerust tot zo'n 50 centimeter dik. Hoe knusser het nest, hoe eerder een egel blijft. Zet het huisje op een rustige plek met weinig geluid.
Rond november of december begint de winterslaap, wanneer de temperatuur daalt en voedsel schaars wordt. Wordt een egel tussendoor wakker, dan blijft hij meestal in het nest. Rond half maart tot begin april is de winterslaap voorbij. Heb je buren met een tuin, maak dan een doorgang onder de schutting. Egels zijn echte onderzoekers en zo'n groter gebied helpt ze enorm.
Wil je meer weten over hoe je egels in jouw regio kunt beschermen of ondersteunen? Kijk voor betrouwbare informatie en handige tips op de websites van de Egelbescherming Nederland of Natuurmonumenten.

